X
GO
Gedeeltelijke vernietiging van de PotPourri-II wet door het Grondwettelijk Hof

In een arrest van 21 december 2017 heeft het Grondwettelijk Hof geoordeeld dat een aantal nieuwe regels die werden ingevoerd door de Potpourri II-wet, ongrondwettig zijn. Hierbij een korte samenvatting van de meest in het oog springende overwegingen uit het arrest.

 

Assisen

De afschaffing van Assisen wordt ongedaan gemaakt door het Grondwettelijk Hof. Het Hof had blijkbaar – net zoals alle juristen - door dat er een handige truc werd toegepast door de Minister van Justie: Assisen werd niet afgeschaft, maar de andere rechtbanken werden bevoegd om alle misdrijven te beoordelen, ook de allerzwaarste. Omdat de Raadkamer en de Kamer van Inbeschuldigingstelling nu elke zaak konden doorverwijzen naar de correctionele rechtbank, werden er in de praktijk geen zaken meer behandeld door het hof van Assisen. Althans toch niet in Vlaanderen, want in Wallonië bleef men dit gewoon doen.

Het Hof herinnert de wetgever aan artikel 150 van de Grondwet dat stelt dat alle criminele zaken door het hof van Assisen moeten behandeld worden, en dus moeten minstens de zwaarste zaken dan ook behandeld worden door dit hof.

Momenteel is er enkel een omzendbrief van het College van procureurs-generaal die een criterium oplegt om toch te kunnen kiezen voor een behandeling door het hof van Assisen, namelijk wanneer de procureur een levenslange gevangensstraf wil eisen. Voor alle andere zaken werd er door verzachtende omstandigheden aan te nemen een verwijzing naar de correctionele rechtbank bewerkstelligd. Het is echter zeer eigenaardig dat wanneer men verzachtende omstandigheden aanneemt, de uiteindelijke straf toch hoger kan zijn dan wanneer men dit niet doet. De correctionele rechtbank is zelfs bevoegd om straffen tot 40 jaar op te leggen. Het Grondwettelijk Hof stelt dan ook zeer terecht dat de regeling van PPII niet verzekert dat personen die zich in dezelfde toestand bevinden, volgens dezelfde regels inzake bevoegdheid en rechtspleging worden berecht. Dit schendt uiteraard het gelijkheidsbeginsel.

 

Cassatieberoepen

Het arrest van het Grondwettelijk Hof vernietigt tevens de nieuwe regel van PPII waardoor het niet langer mogelijk was om cassatieberoep aan te tekenen tegen alle arresten van de Kamer van Inbeschuldigingstelling inzake voorlopige hechtenis. Door de nieuwe regel was het enkel nog mogelijk om cassatieberoep in te stellen tegen de eerste handhavingsbeslissing, en niet meer tegen de arresten die later volgden. Het Hof merkt terecht op dat het net van het grootste belang is dat ook later, na enkele maanden bijvoorbeeld, dit nog kan gebeuren. Die beslissingen moeten immers steeds worden gemotiveerd en de motiveringsverplichting wordt strikter naarmate de voorlopige hechtenis langer duurt.

Het zal dus terug mogelijk zijn om tegen alle arresten van de KI m.b.t. de voorlopige hechtenis, cassatieberoep in te stellen.

 
Elektronisch toezicht

Een andere bepaling die eveneens vernietigd werd is die waarbij de raadkamer niet de mogelijkheid kreeg om een verdachte zijn voorlopige hechtenis om te zetten naar een elektronisch toezicht, wanneer zij moest oordelen over het afsluiten van het onderzoek. Deze ongelijkheid in behandeling werd door ons kantoor meermaals aangevochten voor de rechtbanken, en we zijn dan ook zeer tevreden dat het Grondwettelijk Hof ons standpunt deelt. Het is niet logisch dat de raadkamer iemand op maandag wel onder elektronisch toezicht zou kunnen plaatsen wanneer er enkel controle is op de voorlopige hechtenis, maar dit niet zou kunnen op dinsdag, wanneer de raadkamer de voorlopige hechtenis controleert, én overgaat tot afsluiten van het onderzoek. Indien de raadkamer op eender welk moment van oordeel is dat de hechtenis moet uitgevoerd worden onder elektronisch toezicht, dan moet zij de mogelijkheid hebben om dit op dat moment te bevelen.

 
Gedetineerde vreemdelingen

Een laatste bepaling die werd vernietigd is die waarbij een vreemdeling zonder recht op verblijf in België automatisch werd uitgesloten van een strafuitvoeringsmodaliteit. Het Hof merkt op dat een strafuitvoeringsmodaliteit, zoals het recht om de gevangenis voor één of enkele dagen te verlaten, het elektronisch toezicht, of de voorwaardelijke invrijheidstelling, pas wordt toegekend na een doorgedreven individueel onderzoek. Het Hof vindt dan ook dat dit individueel onderzoek bij iedereen moet kunnen toegepast worden, en dat er geen groepen van personen automatisch hiervan worden uitgesloten.

 

*          *          *

 

De regels die werden vernietigd door dit arrest zijn niet onmiddellijk van toepassing op alle zaken. Indien er al beslissingen werden genomen op basis van de vernietigde regels, dan blijven deze gelden. Enkel bij nieuwe beslissingen moet er rekening gehouden worden met de vernietiging van deze regels.

Voor meer informatie kan u steeds contact opnemen met ons kantoor.

 

Geschreven door mter. Vincent ANDRIES

Volg onze activiteiten ook op: